Nieuws
24 november 2011
De Kamer heeft de dotaties inmiddels ontvangen en zal de bedragen zo snel mogelijk doorstorten aan...
18 november 2011
FE.BI vzw publiceert voor de 1ste keer een sectorfiche van de sector van de thuisverpleging.Deze...
05 augustus 2011
U bent vertrouwd met de basisprincipes van de sociale maribel maar stoot in de praktijk soms op...
Bijkomend Verlof
Thuisverpleging - Werk
De Collectieve Arbeidsovereenkomst (cao) van 26 oktober 2005 in verband met de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de eindeloopbaanproblematiek en toekenning van bijkomend verlof ten voordele van bepaalde categorieën personeelsleden kent een aantal verlof - of vrijstellingsdagen toe aan oudere werknemers.
Het toepassingsgebied van deze cao is verdeeld over 3 “groepen” personeelsleden :
- Groep 1 : verplegend en verzorgend personeel, kinesitherapeuten, ergotherapeuten, logopedisten, animatoren, …… , en alle personeelsleden tewerkgesteld in zorgteams of geïntegreerd in het therapeutisch programma
- Groep 2 : het “gelijkgesteld personeel” : personeelsleden die gedurende de 24 maanden voorafgaand aan de maand waarin ze respectievelijk 45-50-55 jaar worden minstens 200 uren onregelmatige prestaties (zaterdag, zondag, nacht …) hebben gepresteerd
- Groep 3 : personeelsleden die niet onder groep 1 of groep 2 vallen en vanaf 50 jaar een aantal bijkomende verlofdagen toegekend krijgen :
- 38 uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 50 jaar
- 38 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 52 jaar
- 76 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 55 jaar
De financiering van bijkomende verlofdagen - vrijstellingsdagen van personeelsleden die vallen onder groep 1 en 2 wordt geregeld via het RIZIV, voor de vervangende tewerkstelling van het personeel dat onder groep 3 valt krijgt de Kamer middelen doorgestort.
Het beheerscomité heeft beslist deze middelen te verdelen op basis van het gemiddeld arbeidsvolume per kwartaal uitgedrukt in voltijdse equivalenten. Voor de berekening van de individuele tussenkomst per werkgever wordt gebruik gemaakt van rsz-bestanden. Het resultaat van de berekening moest minstens een halftijdse tewerkstelling opleveren, zoniet komt de werkgever niet in aanmerking voor een tussenkomst. Daarna is een omrekening gebeurd naar halftijdse maanden tewerkstelling en toegekend in tewerkstellingen bepaalde duur.
Deze tewerkstellingen voor 2010 kunnen gerealiseerd worden vanaf 01/01/2010 mits het akkoord van uw overlegorgaan en dit tot uiterlijk 31/12/2010. Het moet gaan om bijkomende tewerkstellingen.
Voor de financiering van deze bijkomende contracten is een forfaitair bedrag voorzien van 36.430,84€ per VTE voor 2010 wat overeenkomt met 1.517,95€ per halftijdse tewerkstelling per maand.
De kamer stort maandelijks, op basis van de toegestuurde arbeidsovereenkomsten, de verschuldigde bedragen aan de instellingen.
