PC 329.03 | Socioculturele sector Maribel

Submenu tonen Submenu verbergen

Waar komen de Maribel-dotaties vandaan?

De Sociale Maribel dotatie

De Sociale Maribel wordt gefinancierd via verminderingen van de werkgeversbijdragen die door de werkgevers aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) worden betaald. Elke werknemer die minstens halftijds in de sector tewerkgesteld is, opent het recht op een forfaitaire vermindering van de werkgeversbijdrage. Deze verminderingen worden afgehouden van de werkgeversbijdragen en vormen de Maribel-dotatie bij de RSZ. Deze dotaties worden vervolgens doorgestort aan de Maribelfondsen, die ze herverdelen aan de werkgevers in de vorm van bijkomende tewerkstelling.

De fiscale Maribel dotatie

De Fiscale Maribel is een bijkomende dotatie die wordt gefinancierd via een verhoging van de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing. 

Momenteel bedraagt deze vrijstelling 1% van de bedrijfsvoorheffing. 

De FOD Financiën stort deze middelen via de RSZ door naar de Maribelfondsen. De bedragen berekent men op basis van de loonmassa en variëren dus van maand tot maand.

Plafonds

Het Fonds subsidieert de Maribel-werknemer tot een vastgesteld plafond. Dit plafond bepaalt de maximale financiële tussenkomst van het Fonds in de loonkost van de Maribel-werknemer. 

  • Van 01/01/2025 tot 31/12/2025 bedraagt het plafond € 48.250,52 per voltijds equivalent (VTE) per jaar.
  • Van 01/01/2026 tot 31/12/2027 (tijdelijke verhoging) bedraagt het plafond € 49.500 per voltijds equivalent (VTE) per jaar.
  • Vanaf 01/01/2028 begraagt het plafond € 48.250,52 per voltijds equivalent (VTE) per jaar.

Dit plafond kan verhoogd worden bij unanieme beslissing door het Beheerscomité van het Fonds en indien de beschikbare financiële middelen dit toelaten.

Het gedeelte van de loonkost dat de enveloppe overstijgt, is ten laste van de werkgever.

Definitie van de loonkost 

  • Het brutoloon van de werknemer overeenkomstig de sectorale baremieke loonschalen en de loonvoorwaarden voor de uitgeoefende functies. 
  • De werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid. 
  • Alle vergoedingen en voordelen die aan de werknemer verschuldigd zijn krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen, evenals de voordelen die verschuldigd zijn op basis van de collectieve arbeidsovereenkomsten die zijn afgesloten binnen het (sub)paritair comité waaronder de werkgever ressorteert.

Uitzonderingen

  • Kosten van een groepsverzekering 
  • Kosten van de arbeidsongevallenverzekering of van de dienst voor arbeidsgeneesheer controle 
  • Kosten van het sociaal secretariaat 
  • Terugbetalingen van onkostenvergoedingen 
  • Voordelen voorzien in een CAO op ondernemingsniveau, zoals de hospitalisatieverzekering, groepsverzekering, … 
  • Eventuele verbrekingsvergoeding 

Betalingsperiode

De uitbetaling van de Maribel-subsidie door het Fonds gebeurt in twee stappen: 

  • Het trimestrieel voorschot, berekend op basis van € 10.000,00 per gerealiseerde VTE. De voorschotten betaalt het Fonds in de eerste maand van elk kwartaal uit. Op voorwaarde dat alle nodige documenten (kopieën van arbeidsovereenkomsten, eventuele opleidingsattesten) tijdig aan het Fonds zijn bezorgd en dat het vak Qbis correct is ingevuld in de DmfA-aangifte voor elke betrokken werknemer. 
  • De jaarlijkse financiële afrekening verrekent het resterende saldo indien de loonkost en de bezoldigde uren dit rechtvaardigen. Het Fonds gebruikt hiervoor de loongegevens uit het vak Qbis in de DmfA-aangifte van het kalenderjaar. Het Fonds bezorgt de jaarlijkse financiële afrekening uiterlijk tegen het einde van april van het volgende jaar aan de instelling. 

 Opmerking: Het Fonds kan haar betalingswijze aanpassen.